Levende stenen

imagesx8bmo2zq

“Wat is, in het leven van een land, het precieze moment waarop tirannie het leven in zijn greep krijgt? Dat gebeurt nooit in een oogwenk. Tirannie komt als de schemering en, in eerste instantie, passen je ogen zich aan.”

Deze zinnen uit een artikel in The New Yorker typeren trefzeker de tijdgeest. Je herkent vast wel de ervaring. Invallende duisternis die het licht verdringt. Langzaam. Je merkt het aanvankelijk nauwelijks. Totdat het duister je omringt.

We hebben geschokt naar beelden uit Zürich, Ankara en Berlijn gekeken. Zoals we het afgelopen jaar ook opstandig en soms woedend en machteloos naar de beelden uit Aleppo hebben gekeken. Alles waarvoor wij staan, alles waar we in geloven, alles waar we ons voor inzetten, alles waar we zo intens verdrietig over kunnen zijn, lijkt samen te komen in Aleppo. Aleppo als het brandpunt van de nietsontziende oorlog. Een stad die in 4.000 jaar door honderden generaties is opgebouwd en in 4 jaar door 1 generatie is vernietigd. Een gebroken stad waar het leven nauwelijks nog mogelijk is.

Ik zag in de media een oudere man in de puinhopen van Aleppo staan. Terwijl hij naar de ruïnes wijst roept hij in ontzetting: “Wij gaan dit herbouwen. Maar dit is niets vergeleken met de jonge levens die we verloren. We kunnen de steden herbouwen, maar we kunnen nooit meer thuis zijn. Niet omdat de huizen zijn vernietigd maar omdat de mensen zijn vernietigd.”

Die beelden en verhalen van oorlogsgeweld zijn op ons netvlies geëtst, in onze ziel gekerfd. Ze liggen als stenen op ons hart. Met als voorlopig dieptepunt een bijna terloops bericht van enkele dagen geleden. Getraumatiseerde kinderen in Aleppo huilen niet meer. Een kind dat zijn ouders kwijt is en geen dak boven zijn hoofd heeft. Een kind dat de dood en ons in de ogen kijkt en……zwijgt. Hoe beklemmend, hoe machteloos, hoe verdrietig is de doodse stilte die dan valt?

Ons vredeswerk confronteert ons dagelijks met het bijkans verpletterende besef van wat er allemaal op het spel staat. Na de tirannie van de Tweede Wereldoorlog waren vele generaties bezield door die ene gedachte: dit nooit meer. Nooit meer Auschwitz. Nooit meer discriminatie en vervolging van minderheden. Nooit meer raciale politiek en nationalistische superioriteitswaan. Nooit meer oorlog.

Generaties lang is er steen voor steen gebouwd aan de Verenigde Naties, aan de mensenrechten, aan het humanitaire systeem. Aan Europa, aan de democratie, de vrijheid en de vrede. Maar inmiddels is de hashtag #NeverAgainisNow een trending topic geworden. En je vraagt je af, zou ook dit humanitaire bouwwerk dat door zo vele generaties is opgebouwd door één generatie kunnen worden vernietigd?

Wij zijn idealisten. En idealisten kunnen hun ogen niet voor de duisternis van tirannie sluiten. Ze blijven hardnekkig uitzien naar een nieuwe morgen. In de hoop, in de verwachting, nee, in de overtuiging dat die morgen ook komt, hoe lang de nacht ook duurt. Het kan kort duren. Het kan lang duren. Maar oorlogen stoppen. Dictators gaan ten onder. Alleen de mensen blijven. En met de mensen blijft ook dat niet te onderdrukken, hartstochtelijke verlangen naar vrede.

Wij staan met PAX en ons ideaal van een op dit verlangen van mensen afgestemde vrede aan de goede kant van de geschiedenis. We mogen trots zijn op ons werk en de resultaten die we samen met onze partners realiseren. We zijn er vaak bescheiden over, maar onze inzet, onze presentie en onze betrokkenheid zijn van levensbelang voor mensen in die door oorlog gebroken steden. En laten we niet vergeten dat de ware betekenis van ons vredewerk niet alleen in de resultaten is te vinden maar ook in de medemenselijkheid die erin tot uitdrukking komt. Juist in deze tijd is deze medemenselijkheid van onschatbare waarde voor mensen die zich in de steek gelaten voelen.

De uit Nazi-Duitsland gevluchte joodse filosoof Hannah Arendt wist maar al te goed hoe tirannie zijn intrede doet en alles kan vernietigen. Het is frappant dat uitgerekend zij spreekt over de nataliteit, over de geboortelijkheid van de mens. Zij zegt: “sterfelijkheid delen we met de dieren, maar de geboortelijkheid maakt dat we telkens weer opnieuw kunnen beginnen, dat we kunnen veranderen. En omdat dat zo is kan ook de wereld veranderen.”

Juist nu de schaduw van de tirannie over de wereld valt moeten we de verbeelding en de veranderkracht in onszelf en bij andere mensen mobiliseren. Weg met het cynisme, nihilisme en de scepsis die onze wereld de afgelopen jaren heeft voortgetrokken. Weg met de gemakzucht van Realpolitik die de wereld van macht en geweld voor lief neemt. Weg met het kortzichtige nationalistische eigenbelang dat anderen uitsluit en verdeeldheid zaait. We moeten weer nieuwe vergezichten voor ogen krijgen, nieuwe verhalen vertellen en oude dromen wakker roepen. Want zonder verbeelding kunnen we geen nieuw begin maken.

Ons pleidooi voor het uitbannen van oorlog en het beschermen van mensen blijft relevant en zal aan kracht winnen. Juist omdat de schaduw van de tirannie over de wereld valt. Steeds meer mensen zullen beseffen dat oplossingen beginnen met luisteren en niet met schreeuwen. Steeds meer mensen zullen begrijpen dat vrede het insluiten en niet het uitsluiten van mensen veronderstelt. Dat internationale solidariteit ons verder brengt dan het najagen van eigenbelang.

In oktober gaf INLIA, de organisatie die zich inzet voor asielzoekers, aan een dokter en de burgemeester van het eiland Lampedusa een Levende Steen. Zij zetten zich onbaatzuchtig in voor vluchtelingen die in Europa een nieuw thuis hopen te vinden. Op de baksteen stond een Bijbeltekst, een tekst die mensen oproept om zelf als levende stenen een huis te vormen waar vrede heerst en iedereen thuis is.

Kerst is het verhaal van ontheemden die geen dak boven hun hoofd hebben. Kerst gaat over het verlangen naar vrede dat niet bij machthebbers begint maar bij een kind en onder mensen. Kerst is het feest van de hoop, van de zachte kracht die dwars tegen de logica van geweld en macht ingaat en de wereld kan veranderen.

Het kerstverhaal roept ons op om zelf die verandering te zijn. We worden daarbij geïnspireerd door mensen die we in ons werk tegenkomen.

Je kan denken aan de Jezuïeten Fr. Mourad en Fr. Ziad die van Pax Christi Internationaal een vredesprijs ontvingen. Zij bleven na de moord op Frans van der Lugt werken in Aleppo en Homs. Mourad zei: “Wij openen onze deuren voor iedereen – zelfs als ze komen om ons te doden. En we zullen nooit stoppen met het openen van onze deuren. We kunnen onze veiligheid alleen bij God vinden.”

Of je kan denken aan bisschop Paride Taban uit Zuid Soedan. Hij zei: Machthebbers verdwijnen maar de mensen blijven. Blijf daarom bij de mensen. Want daar begint de vrede.”

Wij kunnen, geïnspireerd door deze en vele andere mensen, zelf ook levende stenen zijn. Bouwstenen die de hoop vitaal houden, die een stad kunnen herbouwen waar iedereen thuis is, die de vrede en de vrijheid dichterbij brengen waar iedereen zo hartstochtelijk naar verlangt.

De geschiedenis leert ons dat de chaos waarin landen en instituties verkeren ook krachten van vernieuwing en verandering oproept en nieuwe wegen naar vrede opent. Ik wens jullie en mijzelf toe dat wij als levende stenen mogen meebouwen aan deze verandering voor vrede.

Aleppo verloren, rampspoed geboren

SYRIA-CONFLICT

Het onvoorstelbare lijkt onvermijdelijk. Aleppo is murw gebombardeerd. In een beangstigend snel tempo herovert het Syrische leger stadswijken op het verzet. Waar mogelijk ontvluchten inwoners de stad. Intussen regent het bommen op de wijken die nog standhouden.

Er dwarrelde deze dagen ook een onheilspellende boodschap uit de lucht boven oostelijk Aleppo. Pamfletten met de volgende boodschap: “Dit is je laatste hoop. Breng jezelf in veiligheid. Als je dit gebied niet snel verlaat zal je worden vernietigd. We hebben vluchtwegen open gelaten zodat je kan vertrekken. Beslis snel. Red jezelf. Je weet dat iedereen je heeft verlaten. Je zult je lot ondergaan zonder hulp van iemand.” Was getekend: ‘Het Syrische Regeringsleger’. Zonder hulp van iemand. Hoe pijnlijk waar is dat.

Terwijl de internationale gemeenschap oorverdovend zwijgt, het regime in Damascus victorie kraait en Rusland en Iran in hun ijzeren vuisten lachen dringt zich een dramatische vraag op. Wat gaat er verloren als Aleppo is verloren?

Pleitbezorgers van ‘Realpolitik’ hebben hun antwoord klaar. Zij voorzien na de val van Aleppo de val van Idlib en een militaire overwinning van Assad. Vervolgens zal Assad resterende tegenstanders laten vermoorden en met harde hand regeren over wat er van Syrië over is. Intussen zal een door Koerden gedomineerde legermacht ISIS uit Raqqa verdrijven. Zo werkt de logica van macht en geweld nu eenmaal, zullen de aanhangers van ‘Realpolitik’ uitleggen. Leuk is het niet. Maar tel je zegeningen: de stabiliteit is hersteld en de dreiging van terrorisme gekeerd. Voor zolang het duurt natuurlijk.

Maar deze kille analyse schiet te kort. Want na de val van Aleppo volgt er nieuwe rampspoed. De schade is immens groot.

Het eerste dat in het oog springt is natuurlijk de humanitaire rampspoed. De val van Aleppo zal leiden tot nog meer burgerslachtoffers. Nog meer ontheemden zullen stranden in het niemandsland voor de hermetisch afgesloten grenzen van Turkije, Libanon en Jordanië. En voor miljoenen vluchtelingen in de regio zal met de val van Aleppo ook de hoop op een spoedige terugkeer naar Syrië vervliegen.

De tweede schadepost is de stabiliteit in de regio. De diepe crisis in de relatie tussen autoritaire regeringen en hun bevolking in het Midden-Oosten blijft bestaan. Deze crisis en de verdeeldheid binnen samenlevingen zijn door het oorlogsgeweld alleen maar verder toegenomen. En verdeeldheid zal de toch al fragiele staatsinstituties verder verzwakken en de groei van gewelddadige extremistische bewegingen aanwakkeren. Het zal bovendien niet lang duren voordat er zich onder wanhopige vluchtelingengemeenschappen nieuwe extremistische bewegingen manifesteren. Met alle gevolgen voor Libanon en andere landen in de regio.

De derde rampspoed treft de geloofwaardigheid van de internationale politiek. De averij voor de Verenigde Naties is onvoorstelbaar. Verdeeld, verlamd en machteloos hebben de Verdeelde Naties naar de Syrische tragedie gekeken. Het internationale humanitair recht, met zo veel bloed en tranen tot stand gekomen, is straffeloos ondermijnd. Door de politieke verdeeldheid hebben ook de humanitaire organisaties van de VN gefaald, hun onpartijdigheid wordt in twijfel getrokken. Het herstel van de politieke geloofwaardigheid van de internationale gemeenschap zal lang duren. Vertrouwen komt nu eenmaal te voet en gaat te paard.

En dan de vierde rampspoed. Die treft Europa. De groeiende instabiliteit in het Midden Oosten vergroot de kans op terroristisch geweld in Europa. De omvang van het vluchtelingenvraagstuk zal verder groeien. De zelfgenoegzaamheid over het zogenaamde succes van vluchtelingen- en immigratiedeals met Turkije en andere landen zal wel eens van korte duur kunnen zijn. In Europese samenlevingen zullen de zorgen over vluchtelingen, de islam en het terroristisch geweld toenemen. Deels begrijpelijk maar ook aangewakkerd door populistische bewegingen die de eenheid en houdbaarheid van de Europese Unie in gevaar brengen.

De val van Aleppo lijkt de effectiviteit van de ‘Realpolitik’ van macht en geweld te bewijzen. Maar dat is echt een illusie. Uiteindelijk zal de val van Aleppo ons vooral confronteren met het falen van een immorele ‘Realpolitik’. De prijs die voor dat inzicht betaald moet worden is helaas dramatisch hoog.

Maar wie weet. Wie weet zal de Veiligheidsraad zich herpakken en overeenstemming bereiken over een staakt-het-vuren. Misschien kunnen burgers in belegerde steden dan toch toegang krijgen tot humanitaire hulp. Misschien is er wanneer niemand dat meer verwacht toch nog een politieke oplossing mogelijk.

En wie weet breekt internationaal het besef door dat we de grondoorzaken van instabiliteit moeten bestrijden. Misschien begrijpen politieke leiders in het westen dat steun voor inclusief bestuur en veerkrachtige samenlevingen ook in hun belang is. Misschien wekt de dreiging van meer rampspoed een nieuw urgentie besef. Het is nog niet te laat.

Intussen kunnen we op verzoek van inwoners van Aleppo een kaars aansteken. Als bewijs dat de pamfletten van het Syrische leger niet kloppen: wij zijn Aleppo niet vergeten. En we moeten elkaar vasthouden.

Mosul: overwinningsnederlaag?

A displaced woman who is fleeing from clashes holds her baby in Qayyarah

De lang aangekondigde slag om Mosul is begonnen. Zo’n 25.000 strijders staan vrijwel voor de poorten van Mosul, de laatste Irakese stad in handen van ISIS. Afgaande op de militaire krachtsverhoudingen zal ISIS de strijd verliezen. Het kan weken, het kan maanden duren. Maar de val van Mosul lijkt onafwendbaar. Maar is daarmee de strijd tegen ISIS gewonnen en de oorlog in Irak teneinde? De vooruitzichten zijn ronduit somber.

De strijd om Mosul zal heftig en chaotisch zijn. ISIS heeft zich ingegraven en gijzelt de inwoners. Vooral in de nauwe straten van het oude stadscentrum en in het bestuurscentrum in het westen van de stad zal ISIS tot het bittere einde vechten. Daarbij kunnen veel burgerslachtoffers vallen. De bevrijding van Mosul zal triomfantelijk gevierd worden. Maar de prijs zal hoog zijn. En de ‘day-after’ ziet er rampzalig uit.

Hulporganisaties houden rekening met “de grootste humanitaire ramp in de recente geschiedenis”. Mogelijk zullen 1 miljoen mensen de stad ontvluchten. De VN deed deze zomer een noodoproep. Er is $284 miljoen dollar nodig voor de eerste humanitaire opvang. Minder dan de helft van dit bedrag is toegezegd. Als er inderdaad 1 miljoen mensen uit Mosul vluchten dan heeft de VN nog eens $1,8 miljard per jaar nodig. Dat geld is er niet.

De inwoners uit Mosul kunnen na twee jaar bezetting door ISIS dus niet rekenen op voldoende humanitaire hulp. Waar de inwoners helaas wel op kunnen rekenen is wraak. Bij de bevrijding van Fallujah maakten het Irakese leger, de Koerdische Peshmerga en de shi’itische milities zich schuldig aan geweld, arrestatie en marteling van soennitische burgers. Dat blijkt ook uit onderzoek van Amnesty. “Ze sloegen mij en anderen met alles wat zij konden vinden: metalen staven, scheppen, pijpen, kabels…Ze liepen over ons heen met hun laarzen. (…) Ik zag twee mensen voor mijn ogen sterven. Anderen werden meegenomen waarna ik geweerschoten hoorden. Later rook ik ook een brandlucht.”

Ook de bevrijding van Mosul zal leiden tot een opleving van sektarisch geweld. Koerdische troepen en shi’itische milities mogen de stad niet binnentrekken ter voorkoming van wraakoefeningen. Maar het valt te bezien of deze maatregel volstaat. Er is geen  vredesopbouwplan, ingebed in een politieke strategie die de oorzaken van sektarische geweld aanpakt. Pijnlijk, want de sektarische grieven die leidden tot de opkomst van ISIS zijn de laatste jaren niet weggenomen maar eerder vergroot.

Er zijn ook geen voorbereidingen getroffen voor ‘transitional justice’. De kans is groot dat er net als in Fallujah executies op straat plaats gaan vinden. Ontheemden zullen daardoor niet durven terugkeren. Er ontbreekt ook een visie op lokaal bestuur waarin burgers het voortouw kunnen nemen. Dat zet de deur open voor militaire machtsstrijd. Er zijn uiteenlopende belangen en betwiste gebieden, en alle partijen zijn erop uit hun invloed te vergroten. Ook Turkije verliest zijn belangen in Irak niet uit het oog, dit tot groot ongenoegen van Bagdad en Washington.

Opleving van sektarische geweld vormt een bedreiging voor de eenheid van Irak. En ISIS zal daarop inspelen. De modus operandi van ISIS is, na verlies van veel grondgebied, veranderd. ISIS pleegt steeds meer terreuraanslagen en verrassingsaanvallen. Het geweld pookt de sektarische spanningen verder op. De deels door Iran gesteunde sji-itische milities, die zo’n twijfelachtige maar onmisbare rol speelden bij de verdrijving van ISIS, vallen niet onder het commando van de centrale regering in Bagdad. De milities zullen reageren op de aanslagen van ISIS en daarmee de chaos vergroten.

De veranderde modus operandi van ISIS verhoogt ook de kans op aanslagen buiten Irak, ook in Europa. De verwachting is bovendien dat veel buitenlandse ISIS-strijders, waaronder ruim 1.700 afkomstig uit Europa, zullen proberen terug te keren. Met de val van Mosul is het gevaar van aanslagen dus zeker niet bezworen. Integendeel.

Dat ISIS de strijd om Mosul militair zal verliezen staat vast. De bevrijding van Mosul heeft echter een hoge prijs: veel burgerslachtoffers, nog meer ontheemden en nieuw sektarisch geweld. Dat zal het geschonden vertrouwen van de soennitische gemeenschappen verder ondermijnen. En dat is rampzalig voor Mosul, Irak en Europa. Want ISIS is pas definitief verslagen als de soennitische gemeenschappen weer vertrouwen in de toekomst krijgen. De val van Mosul dreigt een overwinningsnederlaag te worden.

Dealen met despoten in Afrika

 

3500-2

De Europese Unie dealt met despoten in Afrika om vluchtelingen en migranten tegen te houden. De verdrinking van 359 mensen bij Lampedusa in oktober 2013 vormde hiervoor de directe aanleiding. De EU wil samen met landen in de Hoorn van Afrika mensensmokkel en migratie aanpakken. Landen als Eritrea, Soedan, Ethiopië en Somalië moeten voorkomen dat vluchtelingen en migranten met bootjes de Middellandse Zee oversteken en sneller asielzoekers terugnemen. Dit programma is bekend als het Khartoum Proces.

Het Duitse tv-programma Monitor kreeg onlangs vertrouwelijke documenten over het Khartoum Proces in handen. Uit notulen blijkt dat met EU-ambassadeurs is gesproken over het sneller terugnemen van asielzoekers in ruil voor economische steun en versoepeling van de visumplicht voor diplomaten uit de regio. Veelzeggend is dat uit de notulen blijkt dat gemaakte afspraken “in geen geval naar het publiek” mogen gaan.

Dat de Europese Commissie deze samenwerking met despoten niet aan de grote klok wil hangen is begrijpelijk. De Europese diplomaten weten dat de mensenrechtensituatie in betrokken landen ronduit dramatisch is. Zij omschrijven zelf de humanitaire situatie in Ethiopië als “catastrofaal”. En zij beseffen dat de beoogde samenwerking met de veiligheidsdiensten en de uitwisseling van informatie met de politie van landen als Eritrea en Soedan netelige vragen gaan oproepen. Soedan staat nota bene op de terreurlijst terwijl tegen president Al-Bashir door het Internationaal Strafhof een arrestatiebevel is uitgevaardigd vanwege genocide en misdaden tegen de menselijkheid.

Het dealen met despoten dreigt de toch al beschadigde reputatie van Europa verder te ruïneren. Het terugsturen van vluchtelingen naar landen die evident onveilig zijn zou een flagrante schending van het internationaal vluchtelingenverdrag zijn. Het ‘tegen betaling’ laten tegenhouden van vluchtelingen door landen die zelf door repressie en geweld mensen op de vlucht jagen en volgens de VN tot op hoog niveau betrokken zijn bij mensensmokkel is ronduit cynisch.

Maar daarmee is nog niet alles gezegd. De sinistere samenwerking met despoten bij het tegenhouden en terugsturen van vluchtelingen is niet alleen moreel verwerpelijk, juridisch illegaal en politiek onverantwoord. Het Khartoum Proces is ook politiek naïef en gedoemd te falen.

Naïef omdat de EU “een belofte van verandering” voldoende acht om de samenwerking met notoire schenders van mensenrechten te hervatten en te intensiveren. Voor zover bekend bevatten de afspraken met de landen in de Hoorn van Afrika wel beloningen maar geen effectieve sancties. Het Khartoum Proces dreigt bedenkelijke regimes alleen maar sterker te maken. De EU zou de repressieve regeringen ter verantwoording moeten roepen voor hun mensenrechtenschendingen. Voor hun falende bestuur, corruptie en economisch wanbeleid dat mensen in de armen van mensensmokkelaars drijft. Maar in plaats daarvan ontvangen de despoten een beloning.

Het Khartoum Proces is tot mislukken gedoemd. Op papier bewijst het Khartoum Proces lippendienst aan het bestrijden van de oorzaken van migratie. Maar in werkelijkheid is de EU volkomen gefixeerd op snelle resultaten. Het Khartoum Proces richt zich niet op de problemen van maar op de problemen met vluchtelingen en migranten. Door alle nadruk te leggen op wie mensen op gammele bootjes zetten ontloopt men de vraag waarom mensen op deze bootjes stappen.

Dat komt de dictatoriale regimes in de regio overigens goed uit. Met het criminaliseren van de mensensmokkelaars hebben de EU en de landen in de regio een gemeenschappelijke vijand. Dat levert de despoten in een ideale onderhandelingspositie op waarbij zij kunnen rekenen op financiering van hun veiligheidssector en politieke legitimering van hun dubieuze bewind.

Met het Khartoum Proces dreigt de Europese politieke crisis over vluchtelingen een nieuw dieptepunt te bereiken. Symptoombestrijding zal op termijn een heilloze weg blijken. Hoe lang zal het duren voordat Europese landen beseffen dat zij samen meer politieke verantwoordelijkheid moeten nemen? Toegegeven, een sluitende oplossing voor vluchtelingen en migratie is niet voor handen. Maar de oplossingsrichting is duidelijk. Investeer langdurig in de veiligheid en ontwikkeling van gemarginaliseerde en uitgesloten burgers in Noord-Afrika. En neem intussen een groter aandeel in de hervestiging van vluchtelingen in Europa.

Europese deal met Turkije ondermijnt recht op bescherming voor vluchtelingen

A woman is supported by two men while crossing a river as migrants attempt to reach Macedonia on a route that would bypass the border fence, Monday, March 14, 2016. Hundreds of migrants and refugees walked out of an overcrowded camp on the Greek-Macedonian border Monday, determined to use a dangerous crossing to head north.(AP Photo/Vadim Ghirda)

(AP Photo/Vadim Ghirda)

De afgelopen dagen zagen we onvoorstelbare beelden van vluchtelingen die de grens tussen Griekenland en Macedonië overstaken. Mensen die waden door het ijskoude water van de grensrivier. Gezichten strak van uitputting en wanhoop. Handen die zich vastklampen aan een touw over snelstromende water. Kinderen die van hand tot hand gaan. Om uiteindelijk weer te worden tegengehouden.

Deze mensen zijn ‘lost in transition’. Zij hebben door oorlog alles verloren. Zij kunnen niet terug en niet vooruit. Ze zijn vastgelopen in de zuigende modder van provisorische kampen. De Balkanroute zit op slot door de vluchtelingendeal tussen de Europese Unie en Turkije.

Europese politieke leiders willen Syrische vluchtelingen die Griekenland bereiken, collectief naar Turkije terugsturen. Voor elke Syriër die Turkije terugneemt, zal Europa een vluchtelingen vanuit Turkije opnemen. De politieke prijs voor deze deal: opheffing van de visumverplichting voor Turkijke, 3 miljard extra en versnelling van de onderhandelingen over toetreding van Turkije tot de Europese Unie. De wanhopige Europese politieke leiders klampen zich vast aan het touw dat Turkije hen toewerpt. Maar de vluchtelingendeal roept vele juridische, morele en praktische vragen op.

Internationale bescherming in gevaar

De deal met Turkije dreigt het recht van vluchtelingen op bescherming en asiel te ondermijnen. Het collectief terugsturen van vluchtelingen naar Turkije is in strijd met internationale en Europese verdragen. Voordat Griekenland asielzoekers terugstuurt naar hun land van herkomst of, in dit geval naar Turkije, moet op individuele basis het risico op gevaar voor lijf en leden worden beoordeeld. Griekenland is daartoe nu niet in staat.

Bovendien moet vaststaan dat Turkije voldoet aan de criteria voor een veilig land. Teruggestuurde asielzoekers moeten op effectieve bescherming kunnen rekenen en niet teruggestuurd worden naar een situatie waarin hun leven of vrijheid in gevaar is. En aan deze elementaire twee voorwaarden voor een veilig land kan Turkije (nog) niet voldoen.

Hervestiging vluchtelingen blijft noodzakelijk

Europa draagt onvoldoende bij aan de hervestiging van vluchtelingen die in de regio zijn opgevangen. De Syrische vluchtelingen die deze week het ijskoude water van de grensrivier tussen Griekenland en Macedonië overstaken, zijn (veelal) afkomstig uit de vluchtelingenkampen in Libanon, Irak en Turkije. De omstandigheden waaronder vluchtelingen in deze landen moeten leven is ronduit dramatisch. Bovendien dreigen landen als Libanon te bezwijken onder de enorme aantallen vluchtelingen.

Jaarlijkse hervestiging van substantiële aantallen vluchtelingen in landen in Europa is daarom onvermijdelijk. Maar de bereidheid van landen binnen de Europese Unie om vluchtelingen te ontvangen is tot nu toe bedroevend laag. Het ontbreekt aan politieke wil en onderlinge solidariteit. Vooral de rijkste landen binnen de Europese Unie zullen jaarlijks veel meer vluchtelingen moeten opnemen. Ook Nederland. Daarnaast zal de internationale gemeenschap veel meer humanitaire steun moeten geven voor de opvang in de regio. Van het bedrag dat dit jaar nodig is voor huisvesting, voedsel en gezondheidszorg voor de opvang van Syrische vluchtelingen in de regio is deze week nog maar 4 % opgebracht.

De deal met Turkije lijkt in te zetten op het in de regio houden van de vluchtelingen. Maar dat is niet alleen praktisch onmogelijk, maar ook moreel onverantwoord. Als de Europese landen niet substantieel meer bijdragen aan hervestiging en humanitaire hulp, zullen vluchtelingen ongecontroleerd langs andere routes Europa blijven bereiken. De Europese leiders kunnen hun verantwoordelijkheid voor de hervestiging van vluchtelingen niet afkopen en doorschuiven aan Turkije en de andere landen in de regio. De Europese landen kunnen en moeten, zeker in vergelijking met landen als Libanon veel meer vluchtelingen opvangen.

Gevaarlijke veilige haven

De deal met Turkije omvat ook het realiseren van een veilige zone in Syrië zelf. Turkije houdt vluchtelingen uit Syrië aan de grens tegen. Zij zouden in deze ‘veilige zone’ moeten blijven. Maar Turkije wil mogelijk ook Syrische vluchtelingen die nu in Turkije verblijven of uit Griekenland afkomstig zijn naar dit gebied kunnen terugsturen.

Turkije pleit al langer voor het realiseren van zo’n veilige haven aan zijn grens met Syrië. In Nederland roept zo’n pleidooi onmiddellijk herinneringen op aan het drama in Srebrenica. Zonder effectieve bescherming van burgers kan een veilige zone uitlopen op een humanitair drama.

De bescherming van burgers in een veilige zone in het door oorlogsgeweld verscheurde Syrië vergt veiligheidsgaranties die onder de huidige omstandigheden niet zijn te realiseren. Daarbij komt dat het Turkse pleidooi voor een veilige zone ook een ander, meer politiek doel dient. Een dergelijk gebied moet een buffer vormen tussen de Syrische Koerden, die hun positie met Amerikaanse steun hebben versterkt, en Turkije. Turkije wil echter voorkomen dat de Syrische Koerden het gehele grensgebied innemen. Een veilige zone zou dit kunnen voorkomen.

De Europese leiders moeten niet alleen het terugsturen van vluchtelingen naar een onveilige veilige haven voorkomen. Het idee van een veilige haven vormt onder de huidige omstandigheden ook een gevaarlijke complicatie voor het toch al fragiele onderhandelingsproces in Genève over een politieke oplossing voor de oorlog in Syrië.

Lost in transition

De vluchtelingen die nu zijn vastgelopen in Griekenland, of op weg via de Balkanroute, vormen het meest urgente probleem voor de Europees-Turkse top. Deze mensen betalen als eerste de prijs van de Turkije-deal. Alleen al aan de Griekse kant van de grens met Macedonië verblijven 12.000 mensen, waaronder 4.000 kinderen. Zij kunnen noch terug naar Turkije noch door naar Europa. Welke Europese leider is moedig en menselijk genoeg om zijn of haar verantwoordelijkheid voor deze mensen te nemen?

Gepubliceerd door Reformatorisch Dagblad 16/3/2016

Voedseldroppings: een brug te ver?

airdrop

Vandaag besluiten ouders in belegerde gebieden in Syrië welk kind zij te eten kunnen geven. Vandaag sterven daar kinderen van de honger en jongeren en ouderen aan ziekten die eenvoudig zijn te genezen. Vandaag opereren dokters met de meest primitieve instrumenten in het licht van fakkels. Vandaag sneuvelen activisten die zakken met bloed naar ziekenhuizen brengen door de kogels van scherpschutters.

Dat schrijven burgeractivisten over de uithongering in de 52 belegerde steden en gebieden in Syrië. Zij vragen de internationale gemeenschap burgers te beschermen tegen deze oorlogsmisdaden. “Dwing de VN om de belegering te doorbreken. En als voedselkonvooien niet door mogen, drop dan voedsel in de stervende steden.”

Uit de Siege Watch van PAX en het Syria Institute blijkt dat meer dan 1 miljoen mensen uitgehongerd worden. Resoluties van de VN Veiligheidsraad die oproepen tot onmiddellijke, veilige en ongehinderde toegang tot humanitaire hulp hebben geen effect. Onderhandelingen over de toegang van humanitaire hulp zijn de afgelopen vier jaar mislukt. De VN maakt geen gebruik van het mandaat om hulp over de linies heen naar belegerde gebieden te brengen.

Daarom groeit de kritiek. “De VN-hulp aan slachtoffers van hongerbelegeringen loopt aan de leiband van de hoofdverantwoordelijke van de nood: Assad.” Voor Syrische hulpverleners is de VN “van een symbool van hoop verworden tot een symbool van medeplichtigheid.” VN onder-Secretaris-Generaal voor Humanitaire Hulp Stephen O’Brien stelt dat we alle opties moeten overwegen. We moeten de impasse rond de belegerde gebieden doorbreken.

Tegen deze achtergrond is er debat op gang gekomen over de mogelijkheid van voedseldroppingen. De aarzelingen binnen de humanitaire gemeenschap zijn begrijpelijk. Voedseldroppingen zijn kostbaar, minder effectief in vergelijking met distributie over land en geen duurzame oplossing. Droppingen veronderstellen veilige gemarkeerde droppingzones en lokaal personeel dat een ordelijke distributie waarborgt.

Ook regeringen reageren tot nu toe terughoudend. Zij vinden droppingen vooral gevaarlijk. Wie zou er willen vliegen? Zo valt te beluisteren. En het is waar. Er zijn risico’s verbonden aan het droppen van voedsel in een ‘contested airspace’.

Maar daarmee is niet alles gezegd. In de belegerde gebieden zijn lokale raden en medische comités aanwezig. Zij vragen de VN voedsel te droppen. Zij moeten ook in staat geacht worden om droppingzones en distributie te organiseren.

En wat betreft de veiligheid. Gelden de risico’s die zijn verbonden aan het droppen van voedsel niet ook voor het bevoorraden van gewapende oppositietroepen vanuit de lucht? Bovendien, een vlucht naar het belegerde Madaya duurt niet langer dan 40 seconden boven Syrisch gebied. Dat verklaart misschien de nuchtere reactie van de Amerikaanse Air Force Secretary: “If we’re asked to do it, we have the access, we have the people, we know how to do air drops.” Dat geldt ook voor diverse Europese luchtmachten die hiervoor regelmatig trainen. De VN heeft landen intussen toestemming gegeven voedseldroppingen uit te voeren, ook zonder instemming van Assad.

Een besluit over voedseldropping als laatste redmiddel is vooral een politiek besluit. De argumenten voor zijn eerst en vooral humanitair van aard. Maar droppingen kunnen ook een ongekend krachtig politiek signaal afgeven. Een signaal dat de VN bevrijdt van zijn rol als burgemeester in oorlogstijd. Een signaal dat de Syrische bevolking niet aan hun lot overlaten wordt. Een signaal dat de Syrische oppositie Genève niet de rug moet toe keren, dat zij op steun van de internationale gemeenschap kan rekenen.

De komende dagen spreekt de Tweede Kamer over F16’s die ISIS in Syrië gaan bombarderen. Maar zou het debat niet ook moeten gaan over de humanitaire en politieke noodzaak van voedseldroppings?

Marcel Kurpershoek wees op de pijnlijke vergelijking die mensen in Syrië maken tussen collectieve falen in Syrië en in Srebrenica. Een bescheiden vergelijking gezien de omvang van het Syrische drama. Maar zou juist die vergelijking Nederland niet moeten aansporen om met gelijkgezinde landen binnen de VN een operationeel plan op te stellen voor het droppen van voedsel? Nu ook Aleppo een belegerde stad dreigt te worden is de urgentie alleen maar groter.

Bombarderen van bermbommen: verkeerde prioriteit

ap_madaya_06_jc_160121

“Landen die niet in staat zijn een zak brood of een blik melk te droppen voor de kinderen in Syrië die dood gaan in de belegerde gebieden, zijn niet in staat om vrede te stichten voor een volk in pijn.” Veel Syriërs herkennen zich in de bittere woorden van Mouaz al-Khateeb, de oud-voorzitter van de Syrische oppositie. Zij begrijpen ab-so-luut niet dat de internationale coalitie voorrang geeft aan het bombarderen van ISIS terwijl het massieve bombarderen en uithongeren van burgers door Assad ongehinderd doorgaat.

De Nederlandse regering wil ISIS niet in stedelijke gebieden bombarderen. Dat is maar goed ook want Raqqa wordt al meer dan genoeg gebombardeerd. Maar ook het bombarderen van de bermbom- en boobytrapfabrieken van ISIS gaat voorbij aan het sentiment dat Mouaz al-Khateeb zo wrang onder woorden brengt.

Het onbegrip over de verkeerde prioriteit van de internationale coalitie vormt voor de Syrische oppositie een enorm obstakel. Zij kunnen in Genève moeilijk deelnemen aan onderhandelingen en compromissen sluiten terwijl hun kinderen dood gaan in belegerde en gebombardeerde steden. Het onbegrip onder de Syrische bevolking ondermijnt het vertrouwen in de onderhandelingen. Dat verlamt niet alleen de Syrische oppositie. Het wakkert ook de radicalisering aan. En het versterkt de rekrutering van ISIS.

Zeker, de bombardementen doen ISIS pijn. Maar ze hebben geen doorslaggevend effect op de krachtsverhoudingen. Als we ISIS effectief willen bestrijden zullen we het vertrouwen van soennitische gemeenschappen moeten winnen. Gemeenschappen die, bij gebrek aan beter, hun toevlucht zochten bij ISIS. Dat vertrouwen is alleen te winnen met een geloofwaardig toekomstperspectief: een Syrië waar plaats is voor alle Syriërs. Daar moet het over gaan in Genève. Zodra soennitische gemeenschappen beseffen dat hun veiligheid en hun belangen beter verzekerd zijn bij een toekomstige regering zullen zij ISIS de rug toekeren. En dat zal een implosie van ISIS tot gevolg hebben.

In sommige gebieden slagen lokale gewapende groepen er met luchtsteun van de internationale coalitie in om ISIS terug te dringen. Maar de vreugde over deze bevrijding is van korte duur. Steeds blijkt dat er in de op ISIS veroverde gebieden nieuw sektarische geweld oplaait tussen Arabische bevolkingsgroepen en Koerdische strijders. Onder de bevrijde bevolking heerst er angst voor nieuw geweld en gedwongen verhuizing. De internationale coalitie beschikt over een overmacht aan militaire middelen, maar een robuust plan voor lokaal bestuur en vredesopbouw ontbreekt tot nu toe pijnlijk. En van monitoring van mensenrechten in bevrijde gebieden is ook geen sprake.

Er is inmiddels geen militair meer te vinden die gelooft dat ISIS alleen met bombardementen is te verslaan. Er is geen enkel alternatief voor de nog zo broze onderhandelingen in Genève, die nog voordat ze zijn begonnen al dreigen te stagneren. De allereerste prioriteit in Syrië is daarom niet het bestrijden van ISIS maar het de-escaleren van het oorlogsgeweld en het brengen van die zak brood en dat blik melk in belegerde steden. Dat is urgent noodzakelijk om een einde te maken aan het humanitair lijden, om te voorkomen dat nog meer mensen vluchten, om de onderhandelingen te laten slagen. Maar het is ook nodig voor een effectieve bestrijding van ISIS. Alleen als er een staakt-het-vuren komt kunnen alle partijen, die elkaar nu bevechten, zich richten op de bestrijding van ISIS.

Het besluit van de Nederlandse regering zal gelardeerd zijn met goede voornemens. Het bevat een steunpakket dat ten goede moet komen van de Syrische oppositie en de Syrische bevolking. En ja, natuurlijk is het belangrijk om te voorkomen dat door bermbommen en boobytraps nieuwe burgerslachtoffers vallen. Maar toch gaat ook het besluit van de Nederlandse regering voorbij aan de grootste nood en voornaamste prioriteit binnen Syrië. Het besluit draagt daarmee niet bij aan de start en het succes van de onderhandelingen in Genève, en het laat bovendien de bredere dynamiek die ISIS versterkt ongemoeid.

Het zou zeer welkom zijn als de Nederlandse regering als Europees voorzitter alles op alles zou zetten om die zak brood en dat blik melk in de belegerde steden te krijgen. Wat zou dat een krachtig signaal zijn aan al die Syrische burgers die zich aan hun lot overgelaten voelen. Het kan een eerste begin van vertrouwen wekken dat de internationale gemeenschap in Genève vrede kan stichten voor een volk in pijn.