Mosul: overwinningsnederlaag?

A displaced woman who is fleeing from clashes holds her baby in Qayyarah

De lang aangekondigde slag om Mosul is begonnen. Zo’n 25.000 strijders staan vrijwel voor de poorten van Mosul, de laatste Irakese stad in handen van ISIS. Afgaande op de militaire krachtsverhoudingen zal ISIS de strijd verliezen. Het kan weken, het kan maanden duren. Maar de val van Mosul lijkt onafwendbaar. Maar is daarmee de strijd tegen ISIS gewonnen en de oorlog in Irak teneinde? De vooruitzichten zijn ronduit somber.

De strijd om Mosul zal heftig en chaotisch zijn. ISIS heeft zich ingegraven en gijzelt de inwoners. Vooral in de nauwe straten van het oude stadscentrum en in het bestuurscentrum in het westen van de stad zal ISIS tot het bittere einde vechten. Daarbij kunnen veel burgerslachtoffers vallen. De bevrijding van Mosul zal triomfantelijk gevierd worden. Maar de prijs zal hoog zijn. En de ‘day-after’ ziet er rampzalig uit.

Hulporganisaties houden rekening met “de grootste humanitaire ramp in de recente geschiedenis”. Mogelijk zullen 1 miljoen mensen de stad ontvluchten. De VN deed deze zomer een noodoproep. Er is $284 miljoen dollar nodig voor de eerste humanitaire opvang. Minder dan de helft van dit bedrag is toegezegd. Als er inderdaad 1 miljoen mensen uit Mosul vluchten dan heeft de VN nog eens $1,8 miljard per jaar nodig. Dat geld is er niet.

De inwoners uit Mosul kunnen na twee jaar bezetting door ISIS dus niet rekenen op voldoende humanitaire hulp. Waar de inwoners helaas wel op kunnen rekenen is wraak. Bij de bevrijding van Fallujah maakten het Irakese leger, de Koerdische Peshmerga en de shi’itische milities zich schuldig aan geweld, arrestatie en marteling van soennitische burgers. Dat blijkt ook uit onderzoek van Amnesty. “Ze sloegen mij en anderen met alles wat zij konden vinden: metalen staven, scheppen, pijpen, kabels…Ze liepen over ons heen met hun laarzen. (…) Ik zag twee mensen voor mijn ogen sterven. Anderen werden meegenomen waarna ik geweerschoten hoorden. Later rook ik ook een brandlucht.”

Ook de bevrijding van Mosul zal leiden tot een opleving van sektarisch geweld. Koerdische troepen en shi’itische milities mogen de stad niet binnentrekken ter voorkoming van wraakoefeningen. Maar het valt te bezien of deze maatregel volstaat. Er is geen  vredesopbouwplan, ingebed in een politieke strategie die de oorzaken van sektarische geweld aanpakt. Pijnlijk, want de sektarische grieven die leidden tot de opkomst van ISIS zijn de laatste jaren niet weggenomen maar eerder vergroot.

Er zijn ook geen voorbereidingen getroffen voor ‘transitional justice’. De kans is groot dat er net als in Fallujah executies op straat plaats gaan vinden. Ontheemden zullen daardoor niet durven terugkeren. Er ontbreekt ook een visie op lokaal bestuur waarin burgers het voortouw kunnen nemen. Dat zet de deur open voor militaire machtsstrijd. Er zijn uiteenlopende belangen en betwiste gebieden, en alle partijen zijn erop uit hun invloed te vergroten. Ook Turkije verliest zijn belangen in Irak niet uit het oog, dit tot groot ongenoegen van Bagdad en Washington.

Opleving van sektarische geweld vormt een bedreiging voor de eenheid van Irak. En ISIS zal daarop inspelen. De modus operandi van ISIS is, na verlies van veel grondgebied, veranderd. ISIS pleegt steeds meer terreuraanslagen en verrassingsaanvallen. Het geweld pookt de sektarische spanningen verder op. De deels door Iran gesteunde sji-itische milities, die zo’n twijfelachtige maar onmisbare rol speelden bij de verdrijving van ISIS, vallen niet onder het commando van de centrale regering in Bagdad. De milities zullen reageren op de aanslagen van ISIS en daarmee de chaos vergroten.

De veranderde modus operandi van ISIS verhoogt ook de kans op aanslagen buiten Irak, ook in Europa. De verwachting is bovendien dat veel buitenlandse ISIS-strijders, waaronder ruim 1.700 afkomstig uit Europa, zullen proberen terug te keren. Met de val van Mosul is het gevaar van aanslagen dus zeker niet bezworen. Integendeel.

Dat ISIS de strijd om Mosul militair zal verliezen staat vast. De bevrijding van Mosul heeft echter een hoge prijs: veel burgerslachtoffers, nog meer ontheemden en nieuw sektarisch geweld. Dat zal het geschonden vertrouwen van de soennitische gemeenschappen verder ondermijnen. En dat is rampzalig voor Mosul, Irak en Europa. Want ISIS is pas definitief verslagen als de soennitische gemeenschappen weer vertrouwen in de toekomst krijgen. De val van Mosul dreigt een overwinningsnederlaag te worden.

Bevrijding Fallujah: groundhog day?

A still image from video released June 6, 2016 shows Iraqi families attempting to escape the besieged city of Falluja, Iraq, by crossing the Euphrates river, June 3, 2016. via REUTERS TV   - RTSG96W

Iraqi families attempting to escape the besieged city of Falluja, Iraq, by crossing the Euphrates river, June 3, 2016. via REUTERS TV

ISIS verliest terrein. Stadjes in de omgeving van Falluja zijn al bevrijd. Het Irakese leger en Sjiitische paramilitaire eenheden drijven de laatste ISIS strijders uit Fallujah. Ze kregen daarbij luchtsteun van de internationale coalitie waaronder ook Nederlandse F16’s. Is de bevrijding van Fallujah een keerpunt in de strijd tegen ISIS? Of kijken we naar een Grondhog Day scenario?

Fallujah vormt al sinds de Amerikaanse inval in Irak in 2003 een brandpunt van de oorlog in Irak. Amerikaanse mariniers vochten er intensief. Zij patrouilleerden er in de nacht en trapten er vele huisdeuren in op zoek naar extremisten. Zij betaalden daarvoor een hoge prijs, net als de stad en zijn inwoners. Fallujah is in 2004 door Al Qaida veroverd, in 2007 weer bevrijd en in 2014 weer door ISIS ingenomen.

Fallujah is een strategisch stad. Het ligt in een overwegend soennitische regio die al lange tijd gemarginaliseerd wordt. De inwoners staan wantrouwend, zo niet vijandig tegenover de Sjiitische regering van Bagdad. Onder Saddam Hoessein woonden er veel aanhangers van de door de Amerikanen verboden soennitische Baath partij. De stad ligt dichtbij Bagdad, waar ISIS de laatste maanden veel zelfmoordaanslagen pleegde, en nabij belangrijke en symbolische Siitische plaatsten als Karbala. Dat verklaart waarom de Irakese regering nu alle kaarten zet op de bevrijding van Fallujah.

Op Vice News is een documentaire te zien over de verovering van dorpen en steden in de omgeving van Fallujah. Vice News reisde embedded mee met de Irakese elitetroepen van de Gouden Divisie. Je ziet hoe de Irakese troepen zich richting Fallujah vechten en onderweg op hinderlagen en boobytraps stuiten. De grootste uitdaging vormt echter het scheiden van aanhangers van ISIS van de onschuldige burgers. Naarmate de elitetroepen dichterbij Fallujah komen stuiten ze een op groeiend wantrouwen van de bevrijde bevolking.

De Irakese commandant doet werkelijk zijn best om de harten en hoofden van de soennitische bevolking te winnen. Maar hij maakt zich zorgen over de toekomst. Want sjiitische paramilitairen gaan de orde handhaven in de door zijn elitetroepen bevrijde gebieden. Zij vechten niet voor de eenheid van Irak maar voor de macht van hun shiitische gemeenschap. En zij maken zich daarbij schuldig aan machtsmisbruik en mensenrechtenschendingen. Zij arresteren, molesteren en vermoorden onschuldige burgers.

De bevrijding van Fallujah brengt daarom grote risico’s met zich mee. Luitenant Kolonel Scott Mann vocht zelf in Irak. Hij is ervan overtuigd dat de bevrijding van Fallujah “op korte termijn verlichting van het ISIS-geweld maar op lange termijn een ramp” zal veroorzaken. Een ramp omdat het geweld van het Irakese leger en de Sjiitische paramilitairen de soennitische bevolking enkel meer in de armen van ISIS zal drijven, niet alleen in Irak maar ook in Syrië. Het verdrijven van ISIS uit Fallujah zonder vredesopbouwplan zal ISIS in de kaart spelen. “Zij hebben een plan – wij niet.”

Fallujah bevrijden vergt meer dan het verslaan van ISIS. Het is niet de eerste keer dat Fallujah bevrijd wordt. En het zal niet de eerste keer zijn dat de bevrijders er niet in slagen de stad te besturen en het vertrouwen van zijn inwoners te winnen. Daarom spreekt Michael Knights van het Washington Institute of Near East Policy van een Groundhog Day scenario. Hij verwijst daarbij naar de Amerikaanse filmkomedie waarin de hoofdpersoon elke dag exact hetzelfde opnieuw beleefd.

De inwoners van Fallujah hebben terechte grieven. Het adresseren daarvan vergt geen militaire middelen maar een post-ISIS plan. Een plan dat hen uitzicht biedt op een volwaardige plaats in de Irakese samenleving, waar plaats is voor alle Irakezen en waar sprake is van een inclusief bestuur. En dat plan ontbreekt.

Als de bevrijding van Fallujah het scenario van Groundhog Day volgt dan zou dat inderdaad een ramp zijn. In de eerste plaats voor de soennitische inwoners van Irak en Syrië. Maar daarmee ook voor de strijd tegen ISIS. Dat besef klinkt nog niet door in de berichtgeving over de betrokkenheid van onze F16’s bij de bevrijding van Fallujah.

Eerder gepubliceerd door One World

Strijd tegen ISIS: “tactische stagnatie”

CDS@ATF ME

Uit het Midden Oosten komt weinig goed nieuws. Daarom viel het artikel in de Telegraaf op. “De veelvuldige inzet van Nederlandse F-16’s in Irak dwingt ISIS in het defensief” kopte de grootste ochtendkrant. De Nederlandse Commandant der Strijdkrachten Middendorp bezocht de in Jordanië gestationeerde Nederlandse vliegers. En hij is vastberaden, strijdvaardig en tevreden teruggekeerd. ISIS in het defensief. Dat is goed nieuws. Maar is er reden voor dit optimisme?

Middendorp stelt dat de coalitie “de opmars van ISIS [heeft] weten te stoppen”. ISIS is “in de verdediging gedrongen en lijdt zware verliezen.” De bewegingsvrijheid van de ISIS is “zwaar beperkt.” En dankzij de Nederlandse instructeurs worden in Irak “lokale militairen getraind tot special forces.” ISIS heeft in Irak “30% terrein in verstedelijkte gebieden” verloren.

Het beeld dat de Commandant der Strijdkrachten schetst komt me nogal rooskleurig voor. Daar heb ik geen enkel bewijs voor. Bovendien heeft Middendorp informatie waarover ik niet beschik. Maar het valt wel op dat militairen in Washington in een andere toonzetting over de strijd tegen ISIS spreken.

Afgelopen september waarschuwde de hoogste Amerikaanse commandant Generaal Dempsey nog dat de campagne tegen ISIS “tactisch gestagneerd is (…) vooral in Irak waar de gevechten rond Ramadi en Baiji voortduren”. Een maand eerder verklaarde zijn voorganger dat de bombardementen de offensieven van ISIS hebben getemperd maar dat grondtroepen noodzakelijk zijn om de “patstelling te doorbreken”.

De gerenommeerde Britse militaire denktank RUSI stelde in een recent rapport vast dat ISIS ondanks verliezen “wendbaar blijft en in staat is strategische steden, militaire bases evenals dammen, opslagplaatsen, olie- en gasvelden aan te vallen.”

En er zijn meer berichten die somber stemmen. Begin dit jaar sprak de Amerikaanse legervoorlichting nog optimistisch over de bevrijding van het door ISIS bezette Mosul. Dat zou dit voorjaar gebeuren. Maar elke planning bleek te optimistisch. En de troepenopbouw bleef maar achterlopen. Commentatoren stellen inmiddels vast dat “niemand meer over de bevrijding van Mosul spreekt”.

Ook met de training van het Irakese leger, Nederland levert daar ook een bijdrage aan, wil het niet echt vlotten. Sinds de val van Mosul weten we wat het Irakese leger waard is: 1.500 ISIS strijders joegen het Irakese garnizoen van 22.500 militairen op de vlucht. Het kostte 25 miljard dollar en 10 jaar om het Irakese leger op te bouwen en 10 uur om het te verslaan, zo valt in Irak te beluisteren.

Geen wonder dat Amerikaanse legerspecialisten er nu vanuit gaan dat het nog 20 (!) jaar duurt om het Irakese leger op te leiden. Dat is niet omdat er te weinig instructeurs zijn maar omdat er te weinig Irakese militairen zijn die de training willen volgen. Veel militairen verlaten de training bovendien voortijdig. Waarom? De Irakese militaire commandanten zien de zin van de trainingen niet in. Het Irakese leger ontbeert volgens RUSI “cohesie, motivatie en leiderschap”. Geen wonder dat de Spaanse Minister van de Defensie weigert om meer instructeurs naar Irak te sturen.

Desondanks blijft de internationale coalitie zijn technische “train-and-equip” programma’s uitrollen. Volgens RUSI gaat deze Westerse export van technologie en militaire structuur volledig voorbij aan de ideologische en menselijke karakter van de strijd in Irak. “Het Irakese leger kan alleen overwinnen indien het zelf een coherente identiteit en een gemeenschappelijk doel heeft, ontleend aan een veilige, niet-sektarische en representatieve regering”.

Ik wil niet beweren dat Middendorp voorbij gaat aan alle problemen. Ook hij stelt dat de strijd tegen ISIS “er eentje van lange adem” is. Maar het artikel in de Telegraaf kan de lezer gemakkelijk op het verkeerde been zetten. Je zou zomaar in de verleiding kunnen komen om optimistisch te zijn over de voortgang van de strijd tegen ISIS. Maar daar is helaas nog bitter weinig aanleiding voor.

Bommen op ISIS in Syrië? Tien klemmende vragen aan ministers Hennis en Koenders

the-us-led-air-war-against-isis-is-failing

Langzaam maar zeker lijkt de Nederlandse deelname aan de bombardementen tegen ISIS in Syrië dichterbij te komen. Defensie is er klaar voor. Een meerderheid in de Tweede Kamer kan niet wachten. Alleen Buitenlandse Zaken aarzelt nog.

De Artikel-100 brief, waarmee de regering de Kamer informeert over de Nederlandse deelnamen aan het bombarderen van ISIS in Syrië, lijkt een kwestie van dagen. Maar bombarderen is nu typisch iets waarmee een regering niet over één nacht ijs moet gaan. Daarom heeft PAX tien klemmende vragen geformuleerd voor de ministers Hennis en Koenders. Vragen waarin complicaties en voorwaarden besloten liggen die onvermijdelijk moeten meewegen in de afweging en besluitvorming over eventuele deelname. Een besluit dat hieraan voorbij gaat, is ronduit roekeloos.

Wat is het realistische en concrete doel dat Nederland met het bombarderen van ISIS nastreeft? Evaluaties van missies zoals naar Uruzgan en ook de AIV wijzen er op aan dat de doelstellingen van militaire missies vaak veel te weinig concreet en veel te pretentieus zijn omschreven. Dat staat het succes, de monitoring en de evaluatie van een militaire missie in de weg. Helaas kenmerkte ook de Nederlandse deelname aan het bombarderen van ISIS in Irak zich door een gebrek aan concrete en realitische doelstellingen.                                            

Van welke internationaal breed gesteunde eenduidige, consistente en lange termijn strategie zijn de bombardementen van ISIS in Syrië onderdeel? Zonder politieke strategie zal een militaire missie in Syrië niet leiden tot een duurzame oplossing van de oorlog in Syrië, en daardoor onherroepelijk tekort schieten of ronduit mislukken. Geheel terecht gaven de ministers eerder aan dat de strijd tegen ISIS alleen succesvol kan zijn indien ook gewerkt wordt aan de structurele oplossing van de problemen in Irak en de Syrische burgeroorlog. Dit is alleen te bereiken met een gezamenlijke visie vanuit de internationale gemeenschap. Die gemeenschappelijke visie ontbreekt echter. Sleutellanden als de VS, Rusland, Turkije, Iran, Saoedi-Arabië en ook de conflictpartijen in Syrië laten zich tot nu toe echter leiden door elkaar uitsluitende belangen.

Hoe gaan de bombardementen bijdragen aan de bescherming van burgers tegen oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid? Dit is nu de meest dringende vraag. Burgers vluchten voor het oorlogsgeweld en door het gebrek aan toekomstperspectief in Syrië. Bombardementen van alleen ISIS nemen de grondoorzaken van de vluchtelingencrisis niet weg. Het effectief beschermen van burgers tegen oorlogsmisdaden en een structurele politieke oplossing voor de oorlog in Syrië moeten prioriteit krijgen.

Kan ISIS in Syrië met bombardementen worden verslagen? Tot nu toe hebben de luchtaanvallen op ISIS in Irak en Syrië weinig opgeleverd, al is de uitbreiding van de invloedssfeer van ISIS in Irak en Syrië beperkt gebleven. Toch slaagt ISIS er nog steeds in gebieden te controleren en zelfs uit te breiden. De weinige successen van de coalitie tegen ISIS zijn te danken aan de combinatie van luchtaanvallen en de aanwezigheid van grondtroepen. ISIS is met alleen bombardementen niet te verslaan. De training van Syrische rebellen is uitgelopen op den fiasco, de Koerdische troepen zijn maar in een beperkt gebied actief.

Wat zijn de gevolgen van de Russische militaire aanwezigheid? Satellietbeelden hebben de aankomst van Russische tanks, pantservoertuigen, helikopters, drones en ander militair materieel in Latakia (Syrië) bevestigd. De Russische aanwezigheid verandert de situatie fundamenteel. Moskou lijkt aan te sturen op een alternatieve anti-ISIS coalitie die de positie van Assad en de belangen van Poetin versterkt, en de mogelijkheden voor het Westen om de Syrische oppositie te steunen eerder kleiner dan groter maakt. Een heroverweging van de strategie in Syrië en tegen ISIS lijkt daarmee onvermijdelijk.

Zijn we voldoende voorbereid op oorlogsvoering met meerdere fronten in andere landen? ISIS hanteert een internationale strategie om zijn positie in Syrie en Irak te versterken. ISIS heeft inmiddels steunverklaringen ontvangen van 35 verwante groepen in het Midden-Oosten, Noord-en West-Afrika en Centraal-Azië. Dit roept de vraag op of de internationale coalitie tegen ISIS voldoende voorbereid is op de gevolgen van zogeheten asymmetrische oorlogsvoering: strijd op meerdere fronten in verschillende landen.

Hoe krijgen het parlement en de samenleving een goed beeld van de strijd tegen ISIS? Militaire analisten in de VS stellen dat hun rapporten over ISIS stelselmatig zijn gemanipuleerd waardoor een te positief beeld geschetst wordt van de strijd tegen ISIS en Al Nusra, de Al Qaeda tak in Syrië. De analisten hebben een veel pessimistischer beeld van de militaire strijd tegen en de kracht van ISIS. Dit roept ernstige vragen op die ook relevant zijn voor de Nederlandse besluitvorming.

Hoe wordt voorkomen dat onschuldige burgers slachtoffer worden van de bombardementen tegen ISIS? De bombardementen van de coalitie tegen ISIS eist een onrustbarend groeiend aantal burgerslachtoffers. ISIS heeft zich in reactie op de bombardementen meer teruggetrokken in steden. Het bombarderen van ISIS in dichtbevolkte gebieden is in strijd met het Internationaal Humanitair Recht. De internationale coalitie, inclusief Nederland, is onvoldoende transparant en legt onvoldoende publieke verantwoording af over mogelijke burgerslachtoffers. Een methodiek voor het identificeren van burgerslachtoffers zoals werd gehanteerd bij de ISAF-missie, ontbreekt.

Wat zijn de onbedoelde bijeffecten van de bombardementen van ISIS en hoe zijn deze te verminderen? De bombardementen van de coalitie richten zich ook op het vernietigen van de financiële inkomstenbronnen van ISIS. Dit blijft echter niet zonder bijeffecten. In door ISIS gecontroleerde gebieden kon de lokale bevolking nog gebruik maken van olie en brandstof. De bombardementen hebben hier een einde aan gemaakt. Om in hun levensonderhoud te voorzien zien families in door ISIS gecontroleerde gebieden zich meer en meer gedwongen hun kinderen te laten vechten aan de zijde van ISIS: de terreurgroep betaalt een maandelijkse soldij van $ 400,-

Wat doet de internationale coalitie voor Syrië en Irak wanneer ISIS verdreven is? Deelname aan de bombardementen tegen ISIS betekent ook: meewerken aan stabiliteit en wederopbouw in de periode na de oorlog, aan de opbouw van lokaal bestuur, aan vrede en verzoening. In Libië heeft de internationale coalitie die verantwoordelijkheid destijds niet genomen. Hierdoor ontstond een politiek vacuüm dat tot de dag van vandaag voortduurt, met alle gevolgen van dien.

F-16’s in een militaire actie met open-einde en onduidelijke bewegende doelen

images-3Nederland zal met F-16’s bijdragen aan de ‘uitroeiing’ van ISIS. Dat zal het kabinet besluiten. Zo’n besluit kan rekenen op steun in de Tweede Kamer. Veel Kamerleden toonden zich al geschokt bij de gedachte dat Nederland niet zou deelnemen aan de bombardementsvluchten op ISIS. Het meedogenloos geweld van ISIS is afschuwwekkend. Morele verontwaardiging is op zijn plaats maar geen voldoende onderbouwing van een nieuwe militaire interventie. De wens om ISIS ‘uit te roeien’ met bombardementen en het ongefundeerde geloof dat dit kan is frappant, zo niet roekeloos.

ISIS is niet de oorzaak van de crisis in Irak en Syrië maar het resultaat daarvan. ISIS floreert op eerdere militaire mislukkingen en politieke nalatigheid. ISIS kon het machtsvacuüm in Syrië vullen mede dankzij het falen van de internationale gemeenschap. ISIS kon profiteren van het sektarische beleid van de regering in Bagdad die ondanks geweld tegenover de soennitische minderheid steeds voldoende steun kreeg van het westen. ISIS kon rekenen op financiële steun uit ondermeer Saoedi-Arabië waarmee het westen ondanks publieke onthoofdingen politiek en economisch samenwerkt.

De VS heeft sinds 11 september 2001 ruim 94.000 luchtaanvallen uitgevoerd in Afghanistan en Irak maar ook in Libië, Pakistan, Jemen en Somalië. Hebben deze luchtacties een politieke oplossing in deze landen dichterbij gebracht? Wie vandaag naar Bagdad, Kabul of Tripoli kijkt weet het antwoord. De bombardementen hebben wel duizenden burgerslachtoffers veroorzaakt en mede daardoor het geweld aangewakkerd en nieuwe rekruten opgeleverd voor extremistische groeperingen.

Wie aarzelt over de wijsheid van de door Obama aangekondigde militaire campagne die IS moet vernietigen is naïef en plaatst zich buiten de politieke realiteit, zo lijkt het. Maar dat is de omgekeerde wereld. De pleitbezorgers van ongeconditioneerde steun voor het wegbombarderen van ISIS hebben iets uit te leggen. Uit alle interventies komt een les keer op keer naar voren: militaire acties met een open-einde en onduidelijke en bewegende doelen leiden tot escalatie van geweld terwijl een overwinning een illusie blijft.

PAX vindt dat militaire interventies in Irak en Syrië alleen in uiterste omstandigheden en onder strikte voorwaarden zijn te verantwoorden om burgers te beschermen tegen een directe en acute dreiging van genocide of grootschalige schendingen tegen de menselijkheid of oorlogsmisdaden. Militair geweld kan noodzakelijk zijn om deze dreiging te stoppen en in te dammen. Toen Mosul onder voeten werd gelopen en Yazidi’s en andere minderheden door genocide bedreigd werden was militaire geweld tegen ISIS noodzakelijk en gerechtvaardigd. Maar het is een illusie te denken dat we met bombardementen een einde kunnen maken aan ISIS.

De bestrijding van ISIS vergt vooral een politieke strategie. De noodzakelijke ingrediënten daarvan zijn duidelijk: een regionale aanpak waaraan ook Iran meewerkt; een politieke oplossing voor Syrië zonder Assad; steun aan de Syrische oppositie; investeringen in de weerbaarheid van lokale gemeenschappen in Irak en Syrië; druk om te komen tot een responsieve regering in Bagdad die het vertrouwen van soennitische gemeenschappen herwint en stopt met het bombarderen van burgers; voorzorgsmaatregelen die moeten voorkomen dat geleverde wapens misbruikt of in verkeerde handen vallen. Daarover moet het politieke debat in het Tweede Kamer gaan.

Zonder een gemeenschappelijke, lang vol te houden en samenhangende politieke strategie stevenen we af op een nieuw debacle. Wie voor dat risico de ogen sluit is niet alleen naïef maar ook roekeloos.

 

 

‘Paspoorten afnemen is kortzichtig’

ni_201403171423090_m-4“Het jihadisme vormt een substantiële bedreiging voor de nationale veiligheid van Nederland en voor de internationale rechtsorde.” De ministers Opstelten en Asscher zijn daarvan heilig overtuigd. Dat blijkt uit hun brief aan de Tweede Kamer, die komende week debatteert over het actieplan tegen jihadisme. Markant is dat Richard Barrett in de Guardian juist waarschuwt voor het opgeven van fundamentele rechtsprincipes in reactie op een “onbewezen dreiging”.

Dat is markant want Barrett was werkzaam bij de Britse veiligheidsdiensten MI5 en MI6 en was als directeur verantwoordelijk voor wereldwijde terrorismebestrijding. Hij zegt: “Zeker, mensen die naar Syrië gaan vormen een probleem en ze hebben mogelijk de wet overtreden als zij zich hebben aangesloten bij organisaties als de Islamitische Staat en het al-Nusra Front. Maar het vergt een inspanning om dat te bewijzen in plaats van een aanname dat zij dat hebben gedaan.” Barrett stelt verder dat veel meer diepgaand onderzoek nodig is naar de binnenlandse dreiging die uitgaat van ‘jihadgangers’ of ‘ISIS-verheerlijkers’.

Het kan natuurlijk zijn dat de ministers over meer informatie beschikken dan wij als argeloze burgers. En natuurlijk moeten we niet te lichtvaardig, laat staan naïef denken over de risico’s van extremisme in eigen samenleving. Maar het is frappant dat de “substantiële bedreiging” nergens substantieel onderbouwd wordt.

Die onderbouwing ontbreekt ook bij de maatregelen die bepleit of aangekondigd worden. Sinds 2001 hebben opeenvolgende regeringen zich ingespannen om radicalisering tegen te gaan. Kennelijk hebben al deze maatregelen weinig geholpen. Waarom zouden de nieuwe, overwegend repressieve maatregelen nu wel helpen?

De ministers verwijzen in hun actieprogramma ‘Integrale Aanpak Jihadisme’ naar het Duitse de-radicaliseringsprogramma Hayat. Daniel Köhler is betrokken bij dit succesvolle programma. Hij stelt dat “de denkbeelden van jonge Europeanen die overwegen om zich bij de jihad in Syrië of Irak aan te sluiten niet veranderd kunnen worden door dreigingen van politici of wethandhavers maar enkel door hun meest nabije familieleden.” Familieleden vormen de meest nabije sociale gemeenschap. Zij zijn “het perfecte contra-narratief” tegen de radicale Islam. Repressieve maatregelen maken de familieleden juist argwanend tegenover de autoriteiten, zo blijkt uit onderzoek.

“Maatregelen als het afnemen van paspoorten zijn kortzichtig en spelen terroristische groepen in de kaart”, aldus Köhler. “Criminalisering van iedereen die naar Syrië reist bevestigt enkel de radicale ideologie die het westen kritiseert voor zijn discriminatie van alle moslims.” Zou Opstelten zich hiervan bewust zijn?

IS wil met zijn meedogenloze geweld angst aanjagen. Die angst wordt door het verspreiden van afschrikwekkende beelden steeds verder uitgezaaid en door de politiek bevestigd. Zo nestelt de angst zich in onze samenleving en tussen bevolkingsgroepen. Het was Benjamin Barber die in zijn boek Het rijk van de angst waarschuwde voor politiek die de veiligheid wil beschermen maar daarmee juist de angst oproept die het belangrijkste wapen van terroristen is.

Als we niet in het rijk van de angst willen wonen dan zal de integrale aanpak van radicalisering zich vooral en veel meer moeten richten op het versterken van de verbindende krachten. Op het verkleinen van de voedingsbodem en het weerbaar maken van jongeren. Een integrale benadering stelt bovendien eisen aan het buitenlandbeleid. De voortdurende internationale onverschilligheid tegenover Syrië, de grootste humanitaire ramp van onze tijd, geeft niet alleen voeding aan extremisme in het Midden-Oosten maar ook aan radicalisering in Europa.

Het zou onverstandig zijn de risico’s van radicalisering in Nederland te onderschatten. Maar de reacties in de media en van de regering lijken elkaar te willen overtreffen in daadkracht. Overtrokken daadkracht kan de rechtsstaat die het wil beschermen juist ondermijnen en de radicalisering die het wil bestrijden juist aanwakkeren.

Zonder politieke strategie volgen we het script van IS

 imagesStrategie zonder tactiek is de langste weg naar victorie, tactiek zonder strategie is de kortste weg naar verlies. Beschikken we eigenlijk over een politieke strategie tegen het meedogenloze geweld van de Islamitische Staat?

Het politieke debat over de opmars van IS kenmerkt zich door afschuw maar verraadt ook radeloosheid. Die radeloosheid klinkt door in pleidooien om defensiebudgetten te verhogen en IS met militair geweld uit te roeien. Het groeiende geloof in militaire oplossingen van buitenaf is frappant omdat het sektarisme en extremisme groeiden op de puinhopen van eerdere militaire fiasco’s. Een pleidooi voor oorlog past perfect in het script van IS.

Beperkte luchtaanvallen kunnen op korte termijn de opmars van IS indammen. Dat is gerechtvaardigd als daarmee grootschalige mensenrechtenschendingen voorkomen worden. Het kan verstandig zijn omdat een nederlaag van de Koerden rampzalig zou zijn voor de toekomst van burgers in het noorden Irak.

Maar militaire analisten wijzen er op dat IS genoeg manoeuvreerruimte heeft om zich te hergroeperen en op andere fronten te richten. Er lijken drie militaire opties te zijn. 1: De VS beschermen zolang het nodig is de Koerdische regio en minderheden, en daarmee tevens hun eigen belangen in Noord-Irak. 2: De VS bevechten IS in een veel groter gebied en vernietigen hun offensieve capaciteiten. 3: De VS bevechten IS indirect, via de Koerden en/of de regering in Bagdad.

Al deze opties hebben grote risico’s en beperkingen. Optie 1 betekent dat IS blijft bestaan en zijn aanvallen elders, in Syrië, Irak en daarbuiten zal voortzetten. Optie 2 brengt grote risico’s met zich mee. De huidige problemen wijzen op het echec van eerdere militaire interventies. Optie 3 heeft ook beperkingen. De Koerden zullen nooit ver buiten hun autonome regio vechten. Militaire steun voor Bagdad ondergraaft ook de druk op de toekomstige regering om met inclusieve politiek de “hearts and minds” van soennieten te heroveren.

De huidige militaire operaties zijn tactische reacties die het initiatief bij IS laten. Maar wil Obama met militaire interventies in Irak en Syrië het script van IS volgen? Wil hij opnieuw in de tredmolen lopen van historische tekortkomingen en tragische fouten in het Midden Oosten?

Zonder politieke strategie is de militaire indamming van IS gedoemd te mislukken. Nederland zal zich vooral sterk moeten maken voor regionale samenwerking voor collectieve veiligheid in het Midden-Oosten, waarbij de eerste verantwoordelijkheid ligt bij regeringen en burgers in de regio zelf. Voor een politieke en rechtvaardige oplossing voor Syrië. Voor de ondersteuning van een groeiende nieuwe generatie activisten die het sektarisme beu zijn. Voor humanitaire nood en het beschermen van burgers tegen oorlogsgeweld. Nederland kan in uiterste omstandigheden en onder strikte voorwaarden bijdragen aan het met militaire middelen beschermen van burgers tegen grootschalige mensenrechtenschendingen. Maar alleen als dat is ingebed in een politieke strategie.