Mosul: overwinningsnederlaag?

A displaced woman who is fleeing from clashes holds her baby in Qayyarah

De lang aangekondigde slag om Mosul is begonnen. Zo’n 25.000 strijders staan vrijwel voor de poorten van Mosul, de laatste Irakese stad in handen van ISIS. Afgaande op de militaire krachtsverhoudingen zal ISIS de strijd verliezen. Het kan weken, het kan maanden duren. Maar de val van Mosul lijkt onafwendbaar. Maar is daarmee de strijd tegen ISIS gewonnen en de oorlog in Irak teneinde? De vooruitzichten zijn ronduit somber.

De strijd om Mosul zal heftig en chaotisch zijn. ISIS heeft zich ingegraven en gijzelt de inwoners. Vooral in de nauwe straten van het oude stadscentrum en in het bestuurscentrum in het westen van de stad zal ISIS tot het bittere einde vechten. Daarbij kunnen veel burgerslachtoffers vallen. De bevrijding van Mosul zal triomfantelijk gevierd worden. Maar de prijs zal hoog zijn. En de ‘day-after’ ziet er rampzalig uit.

Hulporganisaties houden rekening met “de grootste humanitaire ramp in de recente geschiedenis”. Mogelijk zullen 1 miljoen mensen de stad ontvluchten. De VN deed deze zomer een noodoproep. Er is $284 miljoen dollar nodig voor de eerste humanitaire opvang. Minder dan de helft van dit bedrag is toegezegd. Als er inderdaad 1 miljoen mensen uit Mosul vluchten dan heeft de VN nog eens $1,8 miljard per jaar nodig. Dat geld is er niet.

De inwoners uit Mosul kunnen na twee jaar bezetting door ISIS dus niet rekenen op voldoende humanitaire hulp. Waar de inwoners helaas wel op kunnen rekenen is wraak. Bij de bevrijding van Fallujah maakten het Irakese leger, de Koerdische Peshmerga en de shi’itische milities zich schuldig aan geweld, arrestatie en marteling van soennitische burgers. Dat blijkt ook uit onderzoek van Amnesty. “Ze sloegen mij en anderen met alles wat zij konden vinden: metalen staven, scheppen, pijpen, kabels…Ze liepen over ons heen met hun laarzen. (…) Ik zag twee mensen voor mijn ogen sterven. Anderen werden meegenomen waarna ik geweerschoten hoorden. Later rook ik ook een brandlucht.”

Ook de bevrijding van Mosul zal leiden tot een opleving van sektarisch geweld. Koerdische troepen en shi’itische milities mogen de stad niet binnentrekken ter voorkoming van wraakoefeningen. Maar het valt te bezien of deze maatregel volstaat. Er is geen  vredesopbouwplan, ingebed in een politieke strategie die de oorzaken van sektarische geweld aanpakt. Pijnlijk, want de sektarische grieven die leidden tot de opkomst van ISIS zijn de laatste jaren niet weggenomen maar eerder vergroot.

Er zijn ook geen voorbereidingen getroffen voor ‘transitional justice’. De kans is groot dat er net als in Fallujah executies op straat plaats gaan vinden. Ontheemden zullen daardoor niet durven terugkeren. Er ontbreekt ook een visie op lokaal bestuur waarin burgers het voortouw kunnen nemen. Dat zet de deur open voor militaire machtsstrijd. Er zijn uiteenlopende belangen en betwiste gebieden, en alle partijen zijn erop uit hun invloed te vergroten. Ook Turkije verliest zijn belangen in Irak niet uit het oog, dit tot groot ongenoegen van Bagdad en Washington.

Opleving van sektarische geweld vormt een bedreiging voor de eenheid van Irak. En ISIS zal daarop inspelen. De modus operandi van ISIS is, na verlies van veel grondgebied, veranderd. ISIS pleegt steeds meer terreuraanslagen en verrassingsaanvallen. Het geweld pookt de sektarische spanningen verder op. De deels door Iran gesteunde sji-itische milities, die zo’n twijfelachtige maar onmisbare rol speelden bij de verdrijving van ISIS, vallen niet onder het commando van de centrale regering in Bagdad. De milities zullen reageren op de aanslagen van ISIS en daarmee de chaos vergroten.

De veranderde modus operandi van ISIS verhoogt ook de kans op aanslagen buiten Irak, ook in Europa. De verwachting is bovendien dat veel buitenlandse ISIS-strijders, waaronder ruim 1.700 afkomstig uit Europa, zullen proberen terug te keren. Met de val van Mosul is het gevaar van aanslagen dus zeker niet bezworen. Integendeel.

Dat ISIS de strijd om Mosul militair zal verliezen staat vast. De bevrijding van Mosul heeft echter een hoge prijs: veel burgerslachtoffers, nog meer ontheemden en nieuw sektarisch geweld. Dat zal het geschonden vertrouwen van de soennitische gemeenschappen verder ondermijnen. En dat is rampzalig voor Mosul, Irak en Europa. Want ISIS is pas definitief verslagen als de soennitische gemeenschappen weer vertrouwen in de toekomst krijgen. De val van Mosul dreigt een overwinningsnederlaag te worden.

Strijd tegen ISIS: “tactische stagnatie”

CDS@ATF ME

Uit het Midden Oosten komt weinig goed nieuws. Daarom viel het artikel in de Telegraaf op. “De veelvuldige inzet van Nederlandse F-16’s in Irak dwingt ISIS in het defensief” kopte de grootste ochtendkrant. De Nederlandse Commandant der Strijdkrachten Middendorp bezocht de in Jordanië gestationeerde Nederlandse vliegers. En hij is vastberaden, strijdvaardig en tevreden teruggekeerd. ISIS in het defensief. Dat is goed nieuws. Maar is er reden voor dit optimisme?

Middendorp stelt dat de coalitie “de opmars van ISIS [heeft] weten te stoppen”. ISIS is “in de verdediging gedrongen en lijdt zware verliezen.” De bewegingsvrijheid van de ISIS is “zwaar beperkt.” En dankzij de Nederlandse instructeurs worden in Irak “lokale militairen getraind tot special forces.” ISIS heeft in Irak “30% terrein in verstedelijkte gebieden” verloren.

Het beeld dat de Commandant der Strijdkrachten schetst komt me nogal rooskleurig voor. Daar heb ik geen enkel bewijs voor. Bovendien heeft Middendorp informatie waarover ik niet beschik. Maar het valt wel op dat militairen in Washington in een andere toonzetting over de strijd tegen ISIS spreken.

Afgelopen september waarschuwde de hoogste Amerikaanse commandant Generaal Dempsey nog dat de campagne tegen ISIS “tactisch gestagneerd is (…) vooral in Irak waar de gevechten rond Ramadi en Baiji voortduren”. Een maand eerder verklaarde zijn voorganger dat de bombardementen de offensieven van ISIS hebben getemperd maar dat grondtroepen noodzakelijk zijn om de “patstelling te doorbreken”.

De gerenommeerde Britse militaire denktank RUSI stelde in een recent rapport vast dat ISIS ondanks verliezen “wendbaar blijft en in staat is strategische steden, militaire bases evenals dammen, opslagplaatsen, olie- en gasvelden aan te vallen.”

En er zijn meer berichten die somber stemmen. Begin dit jaar sprak de Amerikaanse legervoorlichting nog optimistisch over de bevrijding van het door ISIS bezette Mosul. Dat zou dit voorjaar gebeuren. Maar elke planning bleek te optimistisch. En de troepenopbouw bleef maar achterlopen. Commentatoren stellen inmiddels vast dat “niemand meer over de bevrijding van Mosul spreekt”.

Ook met de training van het Irakese leger, Nederland levert daar ook een bijdrage aan, wil het niet echt vlotten. Sinds de val van Mosul weten we wat het Irakese leger waard is: 1.500 ISIS strijders joegen het Irakese garnizoen van 22.500 militairen op de vlucht. Het kostte 25 miljard dollar en 10 jaar om het Irakese leger op te bouwen en 10 uur om het te verslaan, zo valt in Irak te beluisteren.

Geen wonder dat Amerikaanse legerspecialisten er nu vanuit gaan dat het nog 20 (!) jaar duurt om het Irakese leger op te leiden. Dat is niet omdat er te weinig instructeurs zijn maar omdat er te weinig Irakese militairen zijn die de training willen volgen. Veel militairen verlaten de training bovendien voortijdig. Waarom? De Irakese militaire commandanten zien de zin van de trainingen niet in. Het Irakese leger ontbeert volgens RUSI “cohesie, motivatie en leiderschap”. Geen wonder dat de Spaanse Minister van de Defensie weigert om meer instructeurs naar Irak te sturen.

Desondanks blijft de internationale coalitie zijn technische “train-and-equip” programma’s uitrollen. Volgens RUSI gaat deze Westerse export van technologie en militaire structuur volledig voorbij aan de ideologische en menselijke karakter van de strijd in Irak. “Het Irakese leger kan alleen overwinnen indien het zelf een coherente identiteit en een gemeenschappelijk doel heeft, ontleend aan een veilige, niet-sektarische en representatieve regering”.

Ik wil niet beweren dat Middendorp voorbij gaat aan alle problemen. Ook hij stelt dat de strijd tegen ISIS “er eentje van lange adem” is. Maar het artikel in de Telegraaf kan de lezer gemakkelijk op het verkeerde been zetten. Je zou zomaar in de verleiding kunnen komen om optimistisch te zijn over de voortgang van de strijd tegen ISIS. Maar daar is helaas nog bitter weinig aanleiding voor.